Woonwenz heft dochteronderneming Maesteyn op

Publicatiedatum: 18-04-2013

Per 1 juli 2013 houdt Maesteyn als zelfstandig functionerend verhuurbedrijf op te bestaan. Moederbedrijf Woonwenz heeft besloten de verhuur van al haar circa 9.000 woningen en andere vastgoedobjecten onder te brengen bij het hoofdkantoor in Blerick. Woonwenz heeft hiertoe besloten, omdat de toegevoegde waarde van Maesteyn de afgelopen jaren minder is geworden en omdat de corporatie de komende jaren als gevolg van de rijksheffingen moet bezuinigen. De medewerkers van Maesteyn blijven in dienst bij Woonwenz.

Maesteyn is in 2006 door Woonwenz (toen nog Woningstichting Venlo-Blerick) opgericht met als taak het luxer huuraanbod en de commerciële ruimtes (winkels en kantoren) van de woningcorporatie te verhuren en de contacten met de huurders hiervan te onderhouden. Destijds werd er vanuit gegaan dat dit segment zou groeien naar circa 1.000 eenheden. Dit is inmiddels achterhaald als gevolg van economische en politieke ontwikkelingen. Maesteyn werkt als front-office van Woonwenz met zes medewerkers vanuit een eigen kantoor in de binnenstad en verhuurt circa 670 woningen en diverse andere vastgoedobjecten. Woonwenz is altijd eigenaar van het vastgoed gebleven en daarmee ook verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de complexen.


Maesteyn relatief onbekendWoonwenz heft dochteronderneming Maesteyn op

In 2012 is door onderzoeksbureau Twijnstra en Gudde onderzoek gedaan naar de toegevoegde waarde van Maesteyn. Uit het onderzoek bleek dat Maesteyn weliswaar hoog scoorde op het gebied van klanttevredenheid, maar onder niet-huurders vrij onbekend is.  Moederbedrijf Woonwenz doet het volgens het onderzoek op het terrein van klanttevredenheid ook erg goed en heeft bovendien een grotere naamsbekendheid en een krachtiger imago. De toegevoegde waarde van Maesteyn lijkt de afgelopen jaren te zijn afgenomen, mede omdat het merk Woonwenz de afgelopen jaren sterker is geworden.


Noodgedwongen bezuinigen

Een ander argument voor de opheffing is dat de woningcorporaties in Nederland vanaf 2013 jaarlijks een verhuurdersheffing oplopend tot 1,7 miljard euro aan het Rijk moeten betalen. Daarnaast moeten de woningcorporaties een solidariteitsheffing ophoesten om de door derivaten in problemen geraakte corporatie Vestia overeind te houden. Voor Woonwenz betekent de verhuurdersheffing een bedrag van maar liefst 5 miljoen euro per jaar. De Vestia-heffing is hierin nog niet meegeteld. Woonwenz bekijkt daarom momenteel waarop bezuinigd kan worden, zonder dat dit de huurders en de wijken direct raakt. In tegenstelling tot veel andere corporaties wil Woonwenz blijven investeren in haar wijken en haar vastgoed. Schrappen op onderhoud, duurzaamheid of nieuwe projecten dupeert de stad, de wijken én de huurders. Ook voor de positie van het vastgoed van Woonwenz is Woonwenz heft dochteronderneming Maesteyn opstoppen met investeren funest. Daarom bekijkt Woonwenz hoe de eigen bedrijfslasten verlaagd kunnen worden, zonder dat er gedwongen ontslagen moeten vallen. Hoewel Woonwenz in verhouding tot andere corporaties al vrij lage bedrijfslasten heeft, zorgt de opheffing van Maesteyn voor een aanzienlijke besparing van circa 175.000 euro per jaar.

De huurders en relaties van Maesteyn zijn eerder deze week geïnformeerd over het besluit. Voor hen verandert er niet zo veel, behalve dat zij zich voortaan rechtstreeks bij Woonwenz moeten melden voor vragen, reparatieverzoeken en andere zaken. Woonwenz en Maesteyn werken momenteel aan de integratie van beide bedrijven. Ook is Woonwenz op zoek naar een nieuwe huurder of koper voor het kantoorpand van Maesteyn aan de Nieuwstraat. Inmiddels lopen er serieuze gesprekken met een kandidaat-huurder.  

Deel deze pagina

 
Annuleren

Waarmee kunnen wij je helpen?

Begin hier met zoeken!

Geen resultaten gevonden